
Communiceren met ouderen lijkt soms een vak apart. De communicatiestijlen die je normaal gebruikt, lijken opeens niet meer te werken. Het is soms moeilijk om de communicatiestijl van sommige ouderen te herkennen, omdat ze niet in de normale ‘hokjes’ passen. Vooral als ouderen geheugenproblemen krijgen of een beroerte hebben gehad kan dit problemen opleveren. Ze lijken minder flexibel, zijn snel chagrijnig en lijken zeer onredelijk. Normale overtuigingskracht helpt niet meer en hulpverleners lijken niets goed te kunnen doen.
Dit geldt natuurlijk niet voor iedere oudere. Maar wie in de gezondheidszorg werkt, zal dit zeker tegenkomen. Handreikingen om met dergelijke communicatiestijlen om te gaan zijn dan zeer gewenst.
De verandering in communicatiestijlen bij ouderen wordt met name veroorzaakt door veranderingen in hun hersenen. Zo is algemeen bekend dat het geheugen van ouderen slechter kan worden. Dit gaat met name om het werkgeheugen: het geheugen dat even snel dingen opslaat om tijdens een handeling direct weer te gebruiken. Verminderde werking van dit geheugen kan leiden tot grote irritatie tijdens communicatie, omdat de ouderen in dit geval eerder de draad van een gesprek kwijtraken. Hierdoor kunnen hun communicatiestijlen veranderen in geïrriteerd en kortaf.
Een andere verandering in de hersenen van ouderen is dat het vermogen om hoofdzaken en bijzaken te onderscheiden minder wordt. Daarom kunnen ze in een bijzaak lang blijven hangen, terwijl ze de hoofdzaak compleet missen. Dit maakt het moeilijk om goed te communiceren en het is dan ook goed om de communicatiestijlen daarop aan te passen.
Een derde duidelijke verandering is dat de hersenen trager gaan werken. De communicatiestijlen van ouderen kunnen zich dan ook kenmerken door trage reacties.
Tijdens het communiceren met ouderen is het goed om bewust te zijn van de kenmerken van communicatiestijlen van ouderen en daarop in te spelen. Niet iedere oudere verandert even snel, en niet alle veranderingen in de hersenen van ouderen zijn even heftig. Maar als de communicatiestijlen gekenmerkt worden door geïrriteerde reacties, is het goed om te weten waar die irritatie vandaan kan komen. Hulpverleners kunnen daarop hun communicatiestijlen aanpassen. Zo is het goed om steeds te controleren of ouderen de draad nog niet kwijt zijn. Verder is het heel belangrijk om te focussen op hoofdzaken en alle storende bijzaken zoveel mogelijk te vermijden. Communicatiestijlen waarbij gebruik wordt gemaakt van korte zinnen zijn in zo’n geval uiteraard zeer gewenst. Verder moeten hulpverleners ervoor zorgen dat ze de tijd nemen. Niet teveel informatie in één keer; de tijd geven om informatie te verwerken is ontzettend belangrijk.
Communicatie gaat via verschillende kanalen. Vaak worden er drie onderscheiden: het verbale kanaal waarbij woorden vooral belangrijk zijn, het non-verbale kanaal waarbij vooral gezichtsuitdrukkingen en gebaren een rol spelen en het intieme kanaal waarbij aanraking belangrijk is. Baby’s beginnen bij de laatste: die begrijpen aanraking het eerste en communiceren ook zelf via aanraking. Daarna komt de non-verbale communicatie en pas als laatste de verbale. Bij dementerende ouderen begint de aftakeling andersom. Het spreekvermogen neemt het eerste af. Hun communicatiestijlen gaan dan ook veranderen. Voor hulpverleners is het belangrijk om dat te realiseren en goed te letten op de non-verbale communicatie. Aan het gezicht van een oudere en de gebaren die hij of zij maakt is immers vaak veel af te lezen over gevoelens.
Dementerende mensen zijn zelf dan ook heel gevoelig voor non-verbale communicatie. Een uitstraling van rust, ook tijdens behandelingen, is bijvoorbeeld heel belangrijk. Haast kan hen zeer geïrriteerd en onwillig maken. Gespannen ouderen kunnen dan ook goed tot rust gebracht worden door een strelende hand. De communicatiestijlen veranderen in zo’n geval van verbaal naar zeer handtastelijk.
Door een hersenbloeding kan het karakter van ouderen enorm veranderen. Ze kunnen daardoor veel chagrijniger overkomen dan ze zijn en verliezen een deel van hun flexibiliteit. Ook door psychische problemen - bijvoorbeeld doordat ouderen lichamelijk aftakelen en daar moeilijk mee om kunnen gaan - kunnen ouderen zeer geprikkeld worden. Ook in zo’n geval zijn rustige, overwogen en meelevende communicatiestijlen vaak zeer gewenst.
Het is dus heel belangrijk om de communicatiestijlen van ouderen te observeren en daarop in te spelen. Maar het is wel belangrijk om ouderen respectvol te blijven behandelen. Veel ouderen vinden het verschrikkelijk om als kind behandeld te worden, ook al kunnen of willen ze daar niet altijd wat van zeggen. Juist ouderen die moeite hebben met aftakelen of die beginnend dementerend zijn, moeten het gevoel houden dat ze als volwaardig mens gezien worden. Rustige communicatiestijlen zijn dan heel hard nodig, met veel rust en niet teveel informatie in één keer. Maar dat kan snel leiden tot een kinderachtige aanpak, en dat moet zeker vermeden worden.
Wil je ouderen helpen bij thema’s die voor hen belangrijk zijn zoals verlies van geliefden, zingeving of hoe ze om kunnen gaan met de vele vrije tijd die ze krijgen na pensionering? Bekijk de opleiding Seniorencoach voor meer informatie.


